Milieuwet
Gevaarlijke stoffen
De Nederlandse regering is gekomen met voorstellen voor een nieuwe benadering van het stoffenbeleid. In maart 2001 stelde de ministerraad de ‘Strategienota Omgaan Met Stoffen’ vast. In deze nota wordt geconstateerd dat de huidige, sterk op risicomanagement gerichte benadering moet worden aangevuld met andere instrumenten. Dit betekent een sterkere nadruk op de eigen verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven. Uitgangspunt is het ‘verstandig, voorzichtig en met voorzorg’ omgaan met stoffen. Nieuwe elementen in het beleid zijn:- implementatie van het voorzorgprincipe;
- het openbaar beschikbaar zijn van informatie over gevaren en risico’s van stoffen en producten;
- kwaliteit van stoffenbeleid op ondernemingsniveau;
- invulling van ketenverantwoordelijkheid (communicatie over gevaren, risico’s en beheersmaatregelen);
- het op zeer korte termijn verzamelen van gegevens over gevaarseigenschappen van stoffen en producten;
- het niet meer gebruiken van stoffen en producten die een onaanvaardbaar gevaar of risico met zich meedragen;
- geen carcinogene, mutagene, reproductietoxische (CMR) of zeer persistente, bioaccumulerende, toxische (PBT) stoffen in consumentenproducten en open toepassingen en het zoveel mogelijk vermijden van dergelijke stoffen in industriële toepassingen;
- streven naar het uiterlijk in 2020 beëindigen van emissies van PBT stoffen.
- Het bedrijfsleven moet alle in Nederland op de markt gebracht of gebruikte stoffen hebben voorzien van een ‘stofprofiel’ op basis van en hebben ingedeeld in één van de vijf onderstaande categorieën:
| Gevaarscategorie | Stof aanvaardbaar? |
| Zeer ernstige zorg | Nee |
| Ernstige zorg | Nee, tenzij |
| Zorg | Ja, mits |
| Vooralsnog geen zorg | Ja |
| Geen gegevens | Nee, tenzij |
Regelgeving betreffende afvalstoffen
In de loop van de zeventiger jaren is de eerste specifieke afvalstoffenwetgeving tot stand gebracht. De Wet chemische afvalstoffen uit 1977 bevatte de regelgeving voor ‘gevaarlijke’ afvalstoffen en de Afvalstoffenwet uit 1976 die voor ‘gewone’ afvalstoffen. De regelgeving betreffende Afvalstoffen heeft betrekking op preventieve maatregelen, de verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen, afvalwater en bedrijfsafvalstoffen, de verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen, en de uitvoering van de EU Verordening inzake grensoverschrijdende overbrenging van afvalstoffen.In provinciale milieuverordeningen waren tot aan de wijziging van de Wet milieubeheer van 2002 met name regels opgenomen over de verwijdering van bedrijfsafval en van gevaarlijk afval, zoals regels over het inzamelen, het verbod om bepaalde afvalstoffen te exporteren naar een andere provincie en regels over het melden van de afgifte of ontvangst van bedrijfsafval en gevaarlijk afval. Naast de Wm bestaan er nationaal voor enkele specifieke categorieën afvalstoffen nog afzonderlijke regelingen zoals in de Destructiewet, de Bestrijdingsmiddelenwet en de Kernenergiewet. In aanvulling op de publiekrechtelijke wetgeving wordt bij de afvalverwijdering veel gebruik gemaakt van privaatrechtelijke rechtsvormen. Op het niveau van bedrijfstakken zijn bijvoorbeeld in het kader van het doelgroepenoverleg afspraken gemaakt over maatregelen om de hoeveelheid afval te beperken dan wel het afval op een andere wijze te verwijderen. Deze afspraken zijn vastgelegd in convenanten en door individuele bedrijven uitgewerkt in bedrijfsmilieuplannen. Dit is onder meer gebeurd voor de basismetaalindustrie, de textiel- en tapijtindustrie en de chemische industrie.
Geluid
In 1972 werd door de Nederlandse regering de Urgentienota Milieuhygiëne uitgebracht. In deze nota werd geschat dat zeventig tot tachtig procent van de bevolking in enigerlei vorm geluidshinder ondervond. Bestrijding van deze geluidsoverlast werd bemoeilijkt doordat er geen goede wetgeving was en doordat er door de bevoegde autoriteiten onvoldoende gebruik gemaakt werd van de wél bestaande instrumenten, zoals de Hinderwet en gemeentelijke verordeningen.Wet geluidhinder
Sinds 1979 vormt de Wet geluidhinder (Wgh) het belangrijkste wettelijke kader voor het Nederlandse geluidshinderbeleid. Deze wet bevat een uitgebreid stelsel van bepalingen ter voorkoming en bestrijding van geluidshinder door onder meer industrie, wegverkeer en railverkeer. De wet richt zich voornamelijk op de woonomgeving.
Naast de normstelling, wordt geluidshinder ook via het ruimtelijke spoor aangepakt. Via dit spoor wordt geprobeerd geluidshinder te voorkomen en te bestrijden door middel van het scheiden van geluidsbronnen en geluidsgevoelige objecten. De Wgh bevat bepalingen over het verplicht vaststellen van zones door middel van bestemmingsplannen rond geluidsbronnen als wegen, spoor-, tram- en metrowegen en industrieterreinen. De Wgh heeft dus een belangrijke samenhang met de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO).
Wet milieubeheer
Bepaalde onderdelen van de Wgh zijn uit de wet verwijderd en opgenomen in de Wet milieubeheer (Wm). Dit betreft onder meer de bepalingen over vergunningen voor inrichtingen. Aan deze vergunningen kunnen (geluids)voorschriften worden verbonden. Veel (kleinere) bedrijven, waaronder horecagelegenheden, zijn vrijgesteld van de vergunningplicht, maar moeten voldoen aan algemene regels die in per branche zijn vastgesteld.
Luchtvaartwet
De Wgh heeft geen betrekking op vliegtuiglawaai. Dit onderwerp wordt behandeld in de Luchtvaartwet. De Luchtvaartwet en de daarop gebaseerde besluiten en regelingen geven voor de civiele luchtvaart de streefwaarden en maximaal toegestane geluidbelastingwaarden. Op grond van deze wet is bepaald waar de geluidszones rond binnenlandse burger- en militaire vliegvelden liggen
Overige regelgeving
Naast de hiervoor genoemde wetten bestaat er ook nog andere relevante regelgeving met betrekking tot het voorkomen en bestrijden van geluidshinder. Zo bevat het Bouwbesluit, dat gebaseerd is op de Woningwet, een aantal voorschriften voor bouwwerken. Deze voorschriften hebben betrekking op de geluidsisolatie van buiten naar binnen (bijvoorbeeld in verband met verkeerslawaai) en de isolatie tussen woningen onderling (burenlawaai).
Geluidbeleid in Nederland
Naast de hiervoor genoemde wetgeving en normering zijn ook beleidsdoelstellingen gegeven voor de lange termijn.


