Besloten vennootschap (BV)


De BV is een vennootschap waarin het kapitaal in aandelen is verdeeld. De aandelen zijn in handen van de aandeelhouder(s). De BV is een rechtspersoon, met dezelfde juridische status, rechten en plichten als een natuurlijk persoon. De BV zelf wordt als ondernemer gezien, de directeur is in dienst en handelt uit naam van de vennootschap. Een BV kan zelfstandig of samen met anderen worden opgericht.

Leiding

De hoogste macht ligt bij de aandeelhouders in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. De leiding over de dagelijkse gang van zaken ligt bij de directeur(en). Bij kleine BV's is de directeur vaak de enige aandeelhouder. Er kan een Raad van Commissarissen zijn, die toezicht houdt op de directie. De aandelen staan op naam en zijn niet vrij overdraagbaar. In de statuten moet een 'blokkeringsregeling' staan. Aandeelhouders die aandelen willen verkopen of overdragen, moeten deze eerst aanbieden aan mede-aandeelhouders, of goedkeuring vragen aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

Oprichting

De belangrijkste wettelijke eisen bij het oprichten van een BV:

  • Een notariële akte is verplicht. In de oprichtingsakte staan de statuten van de vennootschap. De notaris controleert de juridisch inhoudelijke kant hiervan.
    Het ministerie van Justitie moet een 'verklaring van geen bezwaar' verlenen op basis van een conceptakte van de notaris. Oprichters en toekomstige bestuurders mogen in de laatste acht
    jaar niet betrokken zijn geweest bij vermogensdelicten of faillissementen. Het verkrijgen van de verklaring duurt enkele dagen.
  • Er moet een minimumkapitaal van 18.000 euro in de vennootschap worden gestort. Dit kan met geld, maar ook in natura, zoals met onroerend goed. Met dit kapitaal mag gewerkt worden.
  • De BV moet worden ingeschreven in het handelsregister. Zolang dit niet is gebeurd, zijn de bestuurders persoonlijk aansprakelijk.
  • Geen oprichtingsvereiste, maar wel een verplichting is het opstellen van jaarstukken en de openbaarmaking hiervan bij de KvK. De wettelijke eisen zijn afhankelijk van de omvang van de onderneming.

BV in oprichting

In de periode voor de oprichting kunnen er al activiteiten plaatsvinden waardoor er sprake is van een onderneming. Bijvoorbeeld omdat er al met bedrijfsactiviteiten wordt gestart, of omdat een bestaande onderneming (zoals een eenmanszaak) in een BV zal worden ondergebracht. We spreken dan van een BV in oprichting (i.o.). Degenen die in deze fase namens de rechtspersoon naar buiten treden, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor contracten en andere rechtshandelingen. Na oprichting van de BV worden deze rechtshandelingen bekrachtigd door de BV. Vanaf dan is de rechtspersoon aansprakelijk, tenzij de rechtspersoon de verplichtingen niet nakomt. Voor de partijen waarmee overeenkomsten worden aangegaan moet duidelijk zijn dat dit gebeurt namens de BV i.o. Soms zet een eenmanszaak of VOF 'BV i.o.' achter de naam, omdat de onderneming in een nog op te richten BV zal worden ondergebracht. Het is dan bij het aangaan van overeenkomsten niet de bedoeling de toekomstige BV te binden, maar de bestaande onderneming. Na oprichting van de BV kan deze de verplichtingen overnemen, maar alleen met instemming van de wederpartij. Als een BV i.o. als onderneming actief is, moet deze in het handelsregister worden ingeschreven. Hiervoor moet de notaris een verklaring afgeven dat hij daadwerkelijk belast is met de oprichting van deze BV.

Aansprakelijkheid

De aansprakelijkheid van de aandeelhouders is beperkt tot het bedrag waarmee zij in de vennootschap deelnemen. De BV is als rechtspersoon een zelfstandig drager van rechten en plichten. Betrokken personen, zoals de directeur(en) en commissarissen, zijn niet met hun privé-vermogen aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap.
Omdat er veel misbruik werd gemaakt van de beperkte aansprakelijkheid zijn er anti-misbruikwetten opgesteld. Hierdoor zijn de directeur(en) en degenen die het beleid van de vennootschap hebben bepaald, wél privé aansprakelijk als:
  • de bestuurder te zware contractuele verplichtingen voor de onderneming is aangegaan en hij bij het aangaan hiervan wist of kon voorzien dat de vennootschap niet aan haar verplichtingen kon voldoen;
  • het onvermogen om belastingen en premies te betalen niet (of niet op tijd) wordt gemeld;
  • aannemelijk is dat het onvermogen om belastingen en premies te betalen een gevolg is van onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur in een periode van drie jaar voorafgaand aan de melding;
  • de BV failliet gaat als gevolg van onbehoorlijk bestuur van de directie of degenen die het beleid bepaalden in de drie jaar voor het faillissement. Als er geen jaarstukken worden gedeponeerd bij het handelsregister, wordt onbehoorlijk bestuur verondersteld.
In de oprichtingsfase van de BV is de ondernemer privé aansprakelijk. De aansprakelijkheid eindigt als de opgerichte BV de handelingen bekrachtigt. Ook is er privé-aansprakelijkheid als de BV niet is ingeschreven in het handelsregister. De beperkte aansprakelijkheid van de aandeelhouders verdwijnt vaak doordat banken de directeur-grootaandeelhouder (DGA) privé laten meetekenen voor leningen. Hierdoor wordt hij naast de BV ook persoonlijk aansprakelijk.

Belastingen

Een besloten vennootschap betaalt vennootschapsbelasting over de winst. Het tarief is 20% over de eerste € 40.000,- van de winst, 23% tussen € 40.000,- en € 200.000,- en 25,5% over de rest. Raadpleeg een fiscaal adviseur voor meer informatie.

Sociale zekerheid

De directeur-aandeelhouder van een BV is als werknemer in dienst van de BV. Of hij ook voor de sociale verzekeringswetgeving als werknemer wordt aangemerkt, hangt af van de vraag of er sprake is van ondergeschiktheid. Van ondergeschiktheid is geen sprake als:
  • de directeur, eventueel met zijn echtgeno(o)t(e), 50% of meer van de stemmen op de aandeelhoudersvergadering kan uitbrengen;
  • 2/3 deel of meer van de aandelen in handen is van de directeur en/of zijn naaste familieleden tot en met de 3e graad;
  • de directeur niet tegen zijn wil ontslagen kan worden.
Als er geen sprake is van ondergeschiktheid, valt de directeur-aandeelhouder niet onder de werknemersverzekeringen en zal hij zich vrijwillig moeten verzekeren (zie de informatie bij eenmanszaak).

Continuïteit/Bedrijfsopvolging

De continuïteit van de onderneming wordt zeker gesteld doordat de BV een rechtspersoon is. Een rechtspersoon is niet afhankelijk van de personen die de rechtspersoon hebben opgericht of besturen. Bij het overlijden van de directeur komt het voortbestaan van de onderneming niet in gevaar. Er moet wel een nieuwe directeur worden aangetrokken.

Bij verkoop van de onderneming zijn er twee mogelijkheden:

1. de aandelen worden verkocht;
2. de onderneming (machines, inventaris etc.) wordt uit de BV verkocht;

Als de aandelen worden verkocht, is de opbrengst belast met 25% inkomstenbelasting (box 2) als de aandeelhouder een aanmerkelijk belang (minimaal 5% van de aandelen) heeft. Als de onderneming uit de BV wordt verkocht, betaalt de verkopende BV vennootschapsbelasting over de (boek)winst bij verkoop. Als de aandeelhouder van de verkopende BV zelf een BV is, dan betaalt deze 'holding' in beginsel geen belasting over de opbrengst.